Foto: MARK DAVID

Column Cary van Rheenen: Tribuneren

Ik had een kaartje weten te bemachtigen voor dé wedstrijd van het seizoen. Enigszins huiverig betrad ik de koude tribune van het ADO Den Haag stadion. Van getatoeëerde reigers voorziene Haagse Hooligans staarden mij aan. Ik wrong me door de rijen naar mijn zitplaats en wilde net gaan zitten, toen ik op mijn schouder werd getikt. Een hele, héle grote Haagse supporter met kaal geschoren hoofd en ontbloot bovenlijf schudde langzaam zijn wijsvinger heen en weer. Wij gaan toch niet zitten? Hier op Noord wordt alleen maar gestaan. Het leek me beter te doen wat gebruikelijk was. De triomfblik in de ogen van de kale supporter bevestigde dat mijn keuze de juiste was.
Tijdens de wedstrijd ontkwam ik niet aan meespringen en meezingen. Het volume van de spreekkoren was dermate hard dat ik niet kon verstaan wat ze riepen. Maar onder de controlerende blik van mijn kale ADO vriend playbackte ik er lustig op los. Het ontbloten van het bovenlijf was blijkbaar voor die-hards, waar ik gelukkig niet toe behoorde. Ik kon mijn Gaastra-jack gewoon aanhouden. Ver in de tweede helft werd naast mij een soort gehaktmolen van een dekzeil ontdaan. Vreemde symboliek dacht ik. De tegenstander ziet er niets van de molen op de grond tussen supporters en zal dus nooit begrijpen dat er gehakt van ze gemaakt zal worden. Het werd mij pas duidelijk toen, na het gezamenlijk aftellen van 10 naar 0, één van mijn buurmannen aan de slinger van de gehaktmolen begon te draaien en er vervolgens een geluid uitkwam gelijk het luchtalarm van elke eerste maandag van de maand. De sirene bleek de aanhef van het luid gescandeerde Haags Kwartiertje. Al snel had ik zowel verbaal als klappend mijn Haags Kwartiertje onder controle, nu ook weer onder de goedkeurende blikken van mijn tribunevrienden. Na twee uur schreeuwen, playbacken, springen en met een inmiddels blauwe rug van de vriendschappelijk klappen van mijn toegenegen kale achterbuurman, ging ik uitgeput huiswaarts. Volgende keer toch maar weer naar Marlot waar naar mijn kleinzoon Skip tennist.

Meer berichten