Bert van Alphen is bijna een jaar opnieuw wethouder in Den Haag (Foto: Peter van Zetten)
Bert van Alphen is bijna een jaar opnieuw wethouder in Den Haag (Foto: Peter van Zetten)

Een 'jongen' uit de Schilderswijk

Wethouder Bert van Alphen vertelt

Bijna een jaar na de gemeenteraadsverkiezingen blikt wethouder Bert van Alphen terug op zijn persoonlijke en politieke leven. "Ik ben 64 en dit is mijn laatste klus. Daarna ga ik alleen maar dingen doen die ik nog leuker vind."

Door Stuart Kensenhuis

Den Haag – Het gesprek vindt plaats op internationale vrouwendag (8 maart) en natuurlijk gaat het ook over sterke vrouwen. "Mijn moeder heeft me onvoorwaardelijk gesteund", zegt hij. "Ze speelde soms alsof ze streng was maar dat was ze niet. Verder denk ik aan Ria Sikkes († 2016) die samen met mij in de raad kwam (1998) en actief was in de vrouwenbeweging. Ze kwam vooral op voor de 'gewone werkende vrouw'. Bovendien was ze uitgeefster (Feministische uitgeverij Sara). Aan het college heb ik voorgesteld om jaarlijks op 8 maart een lezing te houden. De eerste is ter nagedachtenis van haar werk."

Weloverwogen kiest hij zijn woorden. Niet al te rustig, lachend om een grapje hier en daar en ogenschijnlijk op z'n gemak. Ook als het om zijn ervaringen gaat in het gemeentebestuur waarin zijn partij GroenLinks samenwerkt met VVD, Groep de Mos en D66. "In de coalitie werken we op basis van evenwicht en wordt niemand overlopen, al denken sommigen dat af en toe wel. Ik vind dat er sprake is van een fijne samenwerking en dat we elkaar dingen gunnen. We hebben een goed akkoord en daar houdt iedereen zich aan. Als iemand er buiten wil treden is het bespreekbaar. Dat werkt prettig", zegt hij.

"Ik was een dromer die wegdook in de boeken"

Als achtjarig jongetje verhuisde Van Alphen van de Cliffordstraat in Amsterdam naar Den Haag en hij heeft een levendige herinnering aan het moment dat ze wegreden met de verhuiswagen. "Mijn zusje en ik zaten naast elkaar en we zeiden: 'Als we later groot zijn gaan we terug'. Dat hebben we nooit gedaan."

Blijkbaar heeft hij in Den Haag zijn thuis gevonden al had hij soms wat moeite met dat 'Haagse taaltje'. "Ik verstond vooral mijn nichtje niet altijd. Zij sprak plat Haags en ik plat Amsterdams. Ooit zei ze: 'We gaan vandaag krootjes eten'. Ik wist niet waar ze het over had. Later begreep ik dat het rode bietjes zijn", vertelt hij lachend.

In die eerste periode in Den Haag trokken ze in bij zijn oma in de Doedijnstraat (Schilderswijk) en dat botste wel eens met zijn karakter. "Ik was een dromer die wegdook in de boeken. Ik las heel veel. Vaak tot laat s 'avonds. Mijn oma vond dat maar niks en zei wel eens: 'Ga toch eens buiten spelen.' In die periode had ik ook moeite met nieuwe situaties en keek een beetje de kat uit de boom. Maar over het algemeen heb ik een gelukkige jeugd gehad met alle kansen om mij te ontwikkelen."

Leraar is Van Alphen geworden. Aanvankelijk op basisschool De Stortenbeker. "Daar heb ik 12 jaar gewerkt en heb zo'n beetje aan alle groepen les gegeven", zegt hij. Daarna werkte hij op Scholengemeenschap Zuidwalland (nu Johan de Witt Scholengroep) als leraar Nederlands en afdelingscoördinator.

Wat rest hem nog te doen? Wethouder was hij eerder in Den Haag (2006-2010) en in Pijnacker-Nootdorp (2012-2014). "Bij het aanvaarden van deze baan heb ik gezegd: dit is mijn laatste klus. Daarna ga ik alleen maar dingen doen die ik nog leuker vind." Minister of staatssecretaris?

Schiderswijk

"Mijn vader zei wel eens: 'Je kan van alles worden maar vergeet nooit waar je vandaan komt.' Hij doelde op de Schilderswijk waar hij werkte voor de bewonersorganisatie. Dat activistische, het opkomen voor de mensen waar het om draait, heb ik van hem."

Beslissingen

"Als docent heb ik nooit ordeproblemen gehad. Dat betekent dat je beslissingen durft te nemen die niet welgevallig zijn. Bijvoorbeeld dak- en thuislozen opvangen in het voormalige Juliana Kinderziekenhuis. Ik sta ervoor en wilde dat zelf vertellen aan de buurt. Het was een pittig en goed gesprek en bij velen verdween de weerstand."

Meer berichten