Foto:

Column Marc Tangel: Splijtoogjes

Heeft u al eens bijvangstvis gegeten? Vorig jaar ving ik het bericht op dat de Europese Unie een 'aanlandplicht' wil instellen, om zo te voorkomen dat schippers hun ongewenst gevangen zeevruchten terugwerpen in het water. Enkele restaurants in de haven zagen wel brood in deze exotische restproducten, maar ik kom helaas te weinig in Scheveningen om te weten of dit initiatief al van de grond is gekomen.

In het buitenland lopen ze wat dat betreft mijlenver op ons voor. Nog scherp herinner ik mij die zomervakantie in Frankrijk, ruim twintig jaar geleden. De kaart van het restaurant vermeldde een 'assiette de fruits de mer', wat in dit geval werd omschreven als een verzameling van minuscule gefrituurde zeevruchten. Mijn moeder had hier wel oren naar en zodoende zette zij die avond haar tanden in een ondefinieerbare zeebanketbrij. Mijn zus zag dit alles minzaam aan en tijdens het kauwen van de vijfde hap voegde ze mijn moeder sarrend toe: "Zijn die oogjes ook lekker?" Verbouwereerd keek mijn moeder op, staarde nog even naar de inhoud van haar bord en schoof tenslotte het gerecht terzijde. Een reactie die haar kinderen onbedaarlijk in de lach deed schieten.

Maar wat moet u met mijn particuliere vakantieherinneringen? Wel, afgelopen week verjaarden onze katten. Moeder natuur had het tweetal voor deze gelegenheid van een glanzend zacht voorjaarsjasje voorzien en om de feestelijkheden extra luister bij te zetten, fietste mijn vrouw die middag naar de dierenwinkel in de Fahrenheitstraat voor twee smakelijke kattenmaaltijden. Daar viel haar oog op een noviteit binnen deze assortimentsgroep, want sinds enige tijd blijkt er een bouillabaisse voor viervoeters te bestaan. Een licht verteerbare maaltijd voor katten met een welvaartsbuikje.

Het bleek een schot in de roos, want het eerste zakje werd gulzig verorberd. "Je moet wel opletten", waarschuwde mijn vrouw toen het 's avonds mijn beurt was het diner voor te bereiden, "er zitten flinke brokken tussen." Om deze opmerking te kunnen duiden, moet u weten dat onze katten de gewoonte hebben om hun eten naar binnen te schrokken met de snelheid van een voortvluchtige die de politiehelikopter in de verte al hoort naderen.

In tegenstelling tot de eerste maaltijd van die dag, bleek de soep die ik moest verdelen te bestaan uit een mengsel van tonijnsnippers en ansjovis. Vooral de filets van die laatste soort waren dermate proportioneel, dat ik de zijkant van mijn lepel ter hand nam om ze te klieven. Pas tijdens deze splijtwerkzaamheden bemerkte ik dat er geen sprake was van filets, maar van complete ansjovissen, wier oogjes mij in het glanzend licht van de keukenlamp zeer verwijtend aangaapten. De gruwel werd vervolmaakt, toen tijdens het doorroeren van de soep deze gezichtsorgaantjes besloten los te komen van het ansjovislichaam, om tenslotte als glinsterende pareltjes aan de oppervlakte van het schoteltje te blijven hangen. Geen bouillabaisse dus waar je hongerig van wordt.

De katten hadden geen boodschap aan mijn walging. Gretig slurpten zij hun verjaardagssoep naar binnen, zich onbewust van het ironische koekje dat mij ruim twintig jaar na de hierboven beschreven zomervakantie in Frankrijk werd voorgeschoteld. Net zo onwetend als mijn moeder, overigens. Ik ga het haar ook niet vertellen…

Meer berichten