Laetitia Gerards zong zaterdag vanaf de kansel in de Nieuwe Kerk
Laetitia Gerards zong zaterdag vanaf de kansel in de Nieuwe Kerk (Foto: Evert van Holtoon )

Laetitia Gerards betovert publiek

De jonge sopraan Laetitia Gerards was het onbetwiste hoogtepunt van het concert dat het Haagse symfonieorkest Musica afgelopen weekend gaf.

Door Jan van Es

Den Haag - Vrijdag zong zij in de Bergkerk en zaterdag in de Nieuwe Kerk de sterren van de hemel. Drie aria’s, twee van Puccini en één van Leoncavallo, werden met zoveel schwung en overtuigingskracht uitgevoerd, dat je als luisteraar wel betoverd moest worden. Al had in elk geval déze luisteraar haar graag in ander repertoire gehoord.

De Italiaanse opera bedient een apart publiek en kennelijk zat dat vrijdag niet in de kerk. “Niemand vond Verdi leuk,” verzuchtte een van de orkestleden na afloop. Dat sloeg op de uitvoering van de ouverture “I vespri siciliani.” Musica, met vaste hand geleid door Jos Schroevers, gaf er een alleszins acceptabele uitvoering van, met mooie aandacht voor de verschillende stemmingen in het stuk. Maar het blijft muziek voor de liefhebber van de Italiaanse hoempapa en de tot grote hoogte opgeklopte sentimentaliteit. Het knappe van Verdi is dan weer wel dat hij in zijn opera’s ook degenen die niet echt warm lopen voor het belcanto mee kan krijgen, zodat je aan het vrijwel altijd tragische einde met een brok in de keel achterblijft. Bij die ouverture had het Haagse publiek dat brok nog niet in de keel. Dat kwam wel bij Laetitia Gerards. Allemachtig, wat kan die zingen en wat jammer dat het bij die drie aria’s bleef. Het hadden er veel meer mogen zijn. Musica verzorgde er een nette begeleiding bij, maar ach, bij die stem maakte dat niet eens zoveel uit.

Na de pauze kon het orkest zich van zijn beste kant laten zien. In een compilatie van delen uit de drie Romeo en Julia-suites van Prokofiev had Musica het podium voor zich alleen. Prokofievs balletmuziek is een mooie combinatie van het hoekige idioom uit de beginperiode van de carrière van de componist en diens latere, meer romantische en dus voor de Sovjet-autoriteiten meer aanvaardbare stijl. Musica had een aantal van de bekendste delen in deze suite opgenomen en liet daarin horen dat het de nodige kwaliteit in huis heeft en dit, voor een amateurensemble toch niet dagelijkse repertoire, goed aan kan. Dat maakt nieuwsgierig naar het najaarsconcert, waarin Tsjaikowsky’s zesde symfonie de uitsmijter is.

Eerst is het orkest echter nog op 28 juni te horen in de Paleiskerk. Daar speelt het relatief onbekende stukken van Ignaz Moscheles en Émile Bernard, naast Griegs overbekende Holberg Suite.

Meer berichten